Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Seksuele gezondheid van volwassenen in Vlaanderen: feiten en cijfers

Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s) en hiv

Het jaarlijkse Soa-rapport van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV) rapporteert de soa-registraties van ongeveer 60% van de peillaboratoria. Dit rapport geeft dus geen absolute aantallen of incidentiecijfers, maar schetst wel de tendensen. Gedetailleerde gegevens en duiding vind je in de Feiten en cijfers ‘Seksueel overdraagbare aandoeningen’.

Chlamydia, gonorroe en syfilis

De meest voorkomende soa's in Vlaanderen en België zijn chlamydia, gonorroe en syfilis (Verbrugge e.a., 2014 en 2015).

  • Chlamydia is de meest frequent gerapporteerde soa in Vlaanderen (3.356 registraties in 2014). De meeste infecties gebeuren bij vrouwen tussen 15 en 34 jaar en bij mannen tussen 20 en 40 jaar. 
  • De meeste gonorroe-infecties gebeuren bij mannen: 655 registraties in Vlaanderen in 2014. In 2014 werd gonorroe voornamelijk vastgesteld bij mannen tussen 20 en 39 jaar. 
  • 2 op 3 vrouwelijke patiënten met chlamydia of gonorroe werden gediagnosticeerd zonder klacht of symptoom. Deze vaststelling onderlijnt het asymptomatisch verloop van de infecties en het risico op complicaties, zoals vruchtbaarheidsproblemen bij vrouwen.
  • Syfilis (859 registraties in 2014 in Vlaanderen) wordt voornamelijk vastgesteld bij mannen in alle leeftijdsgroepen boven 20 jaar. 

Bovenstaande 3 soa’s worden (in dalende volgorde) vooral gezien bij jonge en jongvolwassen heteroseksuele mannen en vrouwen, homomannen en hiv-positieve homomannen.

Hiv

In 2013 werden 1.115 nieuwe diagnoses met hiv gesteld in België. De hiv-epidemie treft voornamelijk 2 bevolkingsgroepen (Verbrugge e.a., 2014): 

  • mannen die seks hebben met mannen (MSM), vooral met de Belgische nationaliteit; 
  • mannen en vrouwen die het virus hebben opgelopen via heteroseksuele betrekkingen. Zij zijn vooral afkomstig uit sub-Saharaans Afrika. 

Gedetailleerde gegevens en duiding vind je in de Feiten en cijfers ‘Hiv-diagnoses in België’.

Testgedrag

Uit het Sexpert-onderzoek (Buysse e.a., 2013) blijkt dat 13,1% van de seksueel ervaren respondenten zich ooit heeft laten testen op soa’s en 29,9% op hiv. Van diegenen die zich ooit lieten testen op een soa was 3,6% gediagnosticeerd met minstens één soa.

Soa_en_hivtesten

Van de Turkse respondenten in het Sexpert II-onderzoek liet slechts 8% zich ooit testen op soa’s en 13% op hiv. Bij een kwart daarvan werd een soa vastgesteld (Buysse e.a. 2014).

Condoomgebruik bij volwassenen

Uit Sexpert onderzoek (Buysse e.a., 2013) blijkt dat 8,6% aangeeft een condoom te hebben gebruikt tijdens het laatste seksueel contact. De jongste leeftijdsgroep (18-29 jaar) gebruikte beduidend vaker (18%) een condoom dan oudere respondenten. Ook een relatief grote groep veertigers (8,6%) gaf aan een condoom te hebben gebruikt. Globaal gezien gebruiken (vooral jongere) mannen vaker een condoom dan vrouwen. 

Het onderzoek concludeert dat bij een brede definitie van veiligheid (condoom gebruikt of men is zeker dat er geen risico op besmetting met hiv/soa’s is) 4% van het laatste seksuele contact onveilig was. Bij deze brede definitie rapporteren de jongvolwassenen (18-29 jaar) en dertigers meer onveilige contacten. 

Volgens een enge definitie van veiligheid (een condoom gebruikt of geen condoom gebruikt maar wel helemaal zeker dat er geen risico op besmetting met hiv/soa’s is) was 14% van de contacten onveilig (Buysse e.a., 2013).