Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Persbericht: Aantal jongeren dat vroeg start met seks daalt

Betere relationele en seksuele vorming kan één van de oorzaken zijn

09/02/2016 - 08:08

Het aantal jongeren dat nog voor hun 15de voor het eerst seks hadden, is de laatste vier jaar gedaald. Dat blijkt uit het Health Behaviour in School Aged Children (HBSC)-onderzoek. Dat bevraagt om de vier jaar jongeren in 44 landen over de leeftijd waarop ze voor het eerst seks hadden en of ze daarbij anticonceptie of condooms gebruikten. In Vlaanderen daalde bij de 9.566 bevraagde jongeren, het aantal meisjes, dat een eerste keer seks had op 13-14 jarige leeftijd, van 4,4% in 2010 naar 2,8% in 2014. Bij de jongens daalde het van 8,4% naar 5,6%. De betere kwaliteit van relationele en seksuele vorming kan daarin een rol spelen. Met de Week van de Lentekriebels (van 15 tot 19 februari) roepen Sensoa en 25 partners elk jaar op om meer relationele en seksuele vorming aan jongeren te geven. Centraal thema dit jaar zijn lichaamsbeeld en schoonheidsidealen.

Aantal starters tijdens secundair al 15 jaar stabiel

Ongeveer de helft van de jongeren is tijdens de secundaire schooljaren met seks gestart. Bij de meisjes is dit 52,5%, bij de jongens 47,3%. Dit aantal is sinds minstens 15 jaar stabiel. De cijfers voor 15-16-jarigen en 17-18-jarigen blijven min of meer gelijk. Een grote groep van de starters maakt zijn eerste keer mee op 16-17 jaar. We zien daarbij dat meer jongeren in het BSO seksueel actief zijn dan jongeren in het ASO. Het TSO zit daar tussenin. Hetzelfde fenomeen zagen we ook al in de cijfers van het Sexpert-onderzoek onder leiding van de Universiteit Gent van 2012. 

Vroege starters, niet altijd negatieve ervaring 

Wanneer we kijken naar de jongeren die al vroeg tijdens hun schooljaren met seks startten, zien we echter een steeds kleinere groep. 13 of 14 jaar is jong om met seks te beginnen, maar die ervaring hoeft niet noodzakelijk negatief te zijn, zoals blijkt uit een onderzoek uit 2012 van de Vakgroep Sociologie van de Universiteit Gent en Sensoa. Jongeren die stilletjes aan naar die eerste keer konden toeleven, zien dit soms als een positief moment in hun leven. Een bezorgdheid is wel dat zij niet steeds voldoende kennis hebben over voorbehoedsmiddelen. 

Relationele en seksuele vorming vanaf jonge leeftijd essentieel

Om positieve en veilige ervaringen te verzekeren is het belangrijk dat jongeren al op jonge leeftijd ondersteund worden met informatie en dat ze de nodige vaardigheden en attitudes aanleren via vorming. Kinderen en jongeren zijn immers geïnteresseerd in seks. Een lopend onderzoek van de Universiteit Antwerpen bevestigt dit. Zij observeren de sociale interactie van kinderen van 4-6-de leerjaar in de naschoolse opvang. Daarbij wordt opgemerkt dat seks en schoonheidsidealen regelmatig spontaan ter sprake komen. Opvallend gezien de cijfers een latere seksuele start aantonen. 

Die daling van de groep jonge starters kan een effect zijn van een betere kwaliteit van relationele en seksuele vorming in Vlaanderen. Kinderen en jongeren die kwalitatieve relationele en seksuele vorming krijgen, stellen hun eerste keer vaker uit. De Week van de Lentekriebels die binnenkort plaatsvindt (15-19 februari) roept zoals elk jaar op tot meer en betere relationele en seksuele vorming voor kinderen én jongeren. Daarbij wordt zoals steeds nieuw materiaal aangeboden om de dialoog met kinderen en jongeren aan te gaan. Meer informatie daarover vindt u op www.weekvandelentekriebels.be.

Andere hypothesen

Andere mogelijke verklaringen voor de afname van jongeren die op vroege leeftijd seks hadden, zijn een stijging van jongeren met migratieachtergrond in de leeftijdsgroep 13-14 jaar. Zij kiezen vaak om te wachten met seks tot na het huwelijk. 

Daarnaast zijn er onderzoeksgegevens van de Katholieke Universiteit Leuven. Lichaamsbeeld is een centraal aspect van de lichamelijke en mentale gezondheid, en wordt gelinkt aan seksualiteit. 
Het onderzoek toont dat er een groep jongeren is die zich onzeker voelen over hun uiterlijk omdat ze beseffen dat ze niet voldoen aan de ‘sexy idealen’ zoals voorgesteld in media. Daardoor gaan ze lichamelijke intimiteit vermijden, terwijl ze daar wel klaar voor zijn. Maar uit het onderzoek blijkt ook dat het verband tussen lichaamsbeeld en (vroege) start met seks niet eenduidig is. Want je hebt ook een groep jongeren die zichzelf gaan zien als een object, dat voornamelijk gewaardeerd en geëvalueerd wordt op basis van uiterlijk en seksuele aantrekkelijkheid. Zij starten door een behoefte aan bevestiging van partners vroeger met seks dan ze op eigen initiatief zouden doen.

Lees het volledige rapport van het Health Behaviour in School Aged Children (HBSC)-onderzoek

 

Met de steun van Jo Vandeurzen, Vlaamse Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en met steun van GO!, Katholiek Onderwijs Vlaanderen, POV, OVSG, VCLB, International Centre for Reproductive Health (ICRH), Wijkgezondheidscentra, Awel, Centra voor Algemeen Welzijnswerk (CAW), Jongerenadviescentra (JAC), VOOP, Vlaamse Scholierenkoepel, Jongerengids (De Ambrassade), Jong & Van Zin, vzw Jong, Mediaraven, Joetz, Lejo, Expoo, Mediawijs, Holebi en gender, Rosa vzw, Merhaba, Wel Jong Niet Hetero, Çavaria en Ellavzw.