Eva Vleminckx is begeleider in het Koninklijk Instituut Woluwe. Een school voor buitengewoon basisonderwijs (BuBaO), voor secundair buitengewoon onderwijs (BuSO) en een Multifunctioneel Centrum (MFC). 

In het instituut verblijven jongeren met een visuele en/of auditieve beperking en met autismespectrum stoornis (ASS). Een heel breed gamma aan problematieken dus, met elk hun specifieke behoeften. Eva maakt er deel uit van de werkgroep relationele en seksuele vorming.

Vanuit het instituut begeleidt Eva leerlingen met een visuele beperking in het gewone onderwijs. Elke week gaat ze er langs. Door hun beperking hebben deze jongeren recht op die individuele begeleiding. Ze zet er haar expertise ook in om leraren te helpen.    

Eva Vleminckx, Koninklijk Instituut Woluwe
Gewoon een boekje over seks op tafel leggen thuis, zo kom je er niet bij jongeren met een beperking
Eva Vleminckx, Ondersteuner jongeren met een beperking, Koninklijk Instituut Woluwe

Ondersteuning aan leerlingen en aan scholen

Eva: Onze jongeren hebben het doorgaans moeilijker om zowel fysieke als sociale aspecten van seksualiteit te begrijpen. Ze kampen vaker met een laag zelfbeeld. Sociale contacten en relaties zijn voor hen minder evident. Ze kunnen zichzelf ook moeilijker vergelijken met andere jongeren. 

Om deze kloof te overbruggen moet seksuele vorming bij deze jongeren zeer vroeg aan bod komen: ze hebben ondersteuning nodig om lichaamsbesef te ontwikkelen, bewustzijn rond hun gender en om grenzen te leren aangeven. 

Jongeren met een visuele beperking missen veel informatie

Films, magazines, sociale media zijn een belangrijke informatiebron voor jongeren. Maar jongeren met een visuele beperking begrijpen die info moeilijk. En het is moeilijker voor hen om foute info, op internet bijvoorbeeld, te herkennen. Bovendien zijn ze extra kwetsbaar voor misbruik, via chats bijvoorbeeld.

Toegankelijk materiaal is er dus weinig. Dat geldt zeker voor jongeren die héél slecht zien of volledig blind zijn. Ze hebben minder kennis over anatomie, zeker als ze blind geboren zijn. Hoe ziet een meisje eruit? Of een jongen? Of vrijen, wat houdt dat in? We werken nu met voelmateriaal, dat heeft zeker een meerwaarde. 

Een meisje met visuele beperking zei eens “Die roepen alleen maar tijdens het vrijen, dat moet keiveel pijn doen. Ik ga dat zelf nooit doen”.

Videomateriaal kunnen we enkel gebruiken als er voldoende auditieve ondersteuning is. Deze jongeren hebben veel ‘vertaling’ nodig van wat ze alleen maar kunnen horen. Een meisje met visuele beperking zei eens “Die roepen alleen maar tijdens het vrijen, dat moet keiveel pijn doen. Ik ga dat zelf nooit doen”.

Ze durven vaak geen ‘alledaagse’ vragen stellen. Een string bijvoorbeeld, als je dat nog nooit gezien hebt, hoe kun je dan weten wat dat is? Daardoor kunnen ze niet altijd meepraten met leeftijdsgenoten. 

Weerbaarheid belangrijk voor jongeren met visuele beperking

Weerbaarheid is heel belangrijk voor jongeren met een visuele beperking, ze zijn heel kwetsbaar. Om hen te begeleiden hebben ze meer fysiek contact nodig dan een doorsnee jongere. Hulp om zich te verplaatsen bijvoorbeeld. Het is heel belangrijk dat ze leren nee zeggen. 

Jongeren met autisme hebben nood aan duidelijke grenzen

Jongeren met autisme missen dan weer het gevoelsmatige. Ze hebben heel veel vragen over ‘Wanneer is het aan?’, ‘Wat is een relatie?’, Hoe weet ik dat ik een stapje verder mag gaan? ‘Wanneer geeft iemand toestemming?’ Ze willen als het ware een ‘stappenplan’.

Jongeren met autisme hebben wel visuele info voorhanden via internet en zo, maar die is vaak onrealistisch. Vrouwonvriendelijke porno wordt dan maatstaf. 

Ze hebben vaak nood aan duidelijke grenzen. Daarvoor is het Vlaggensysteem een bruikbare tool. Bijvoorbeeld om taalgebruik naar vrouwelijke leerkrachten te bespreken. Want soms gaan ze over de grens.

Jongeren met autisme willen als het ware een ‘stappenplan’.

Seksueel grensoverschrijdend gedrag op school

We moeten de zaken durven benoemen: seksueel grensoverschrijdend gedrag komt voor op onze campus. Kinderen met een beperking maken dezelfde ontwikkeling door als andere kinderen, maar die ontwikkeling is soms disharmonisch. Jongeren met een beperking stellen vaak gedrag dat niet leeftijdsadequaat is. Soms gaan ze effectief over grenzen.

Bij de jongeren met autisme spectrum stoornis (ASS) zijn er veel jongens. Ze hebben een eenzijdig beeld over seksualiteit en kennen de beleving van meisjes minder goed. Ze kijken soms naar sites die een verkeerd beeld geven over seksualiteit.

Porno vertekent dat beeld nog meer. En dat wordt de maatstaf als ze daar geen uitleg over krijgen. Met grensoverschrijdend gedrag als mogelijk gevolg. 

De eerste stappen naar een gerichte aanpak

In 2008 startten we op onze school met een werkgroep ‘relationele en seksuele vorming’ of RSV. We werden aanvankelijk teruggefloten, omdat er nog geen visie rond seksuele opvoeding was. Alleen in de biologieles werd er over seksualiteit gesproken. Met de klemtoon op voortplanting, soa’s en andere gevaren. 

Het was een lang proces om alle neuzen in dezelfde richting te krijgen. ‘Geen slapende honden wakker maken’, ‘Jongeren met een beperking zijn niet met seks bezig’ ... dat idee. 

Vlaggensysteem heel bruikbaar instrument

Sommige begeleiders waren superstreng tegenover seksueel gedrag, andere lieten situaties gebeuren. Toen begonnen we met het Vlaggensysteem, een heel bruikbaar instrument. Nu kijken we eerst naar de criteria en dan komen we als team tot een beoordeling. Natuurlijk zijn er nog meningsverschillen, maar na al die jaren voeren we dialoog met rationele argumenten. 

Karen De Wilde van Sensoa/Katholiek Onderwijs Vlaanderen hielp ons om een beleid en visie uit te werken en om het Vlaggensysteem te implementeren. Omdat er af en toe wissels zijn van collega’s, herhalen we de uitleg over het Vlaggensysteem regelmatig. 

Het had zijn tijd nodig, maar nu begint het goed te lopen: bijna iedereen kent onze werkgroep. Leraren komen met minder schroom lesmateriaal halen. Vroeger was dit een moeilijk bespreekbaar thema, dat is nu helemaal anders. 

Ondersteuning voor jongeren met trauma

We hebben ook veel jongeren met trauma’s en dat vraagt specifieke ondersteuning. Hoe beoordeel je het gedrag van een jongere die zelf al misbruik heeft meegemaakt? Een tip: betrek er vooral ook de therapeuten van de school bij. Toets af of je aanpak wel oké is. 

Als lid van de werkgroep hebben wij een waardevolle objectieve kijk: wij kennen de leerlingen minder persoonlijk. De leraren, opvoeders, paramedici kennen de jongeren dan weer beter. Een goede wisselwerking bevordert de ondersteuning. 

Leerlijn voor BuSO

Het heeft weinig zin om het één keer over seks en relaties te hebben en dan verder niets meer. Maar wat geef je dan wanneer? Vroeger was daar weinig afstemming over. Op school werkten we nu een leerlijn uit voor BuSO.

Relaties en seksualiteit is een bespreekbaar thema geworden op klassenraden. Dat is een zeer positieve evolutie.

Dat heeft zoveel voordelen: het thema komt nu ook bij godsdienst en bij andere activiteiten aan bod. Op die manier krijgen alle jongeren voorlichting. En niet alleen over de risico’s, maar ook over de mooie kanten van relaties. Relaties en seksualiteit is een bespreekbaar thema geworden op klassenraden. Dat is een zeer positieve evolutie. We zitten nog in een testfase, maar er zit eindelijk een lijn in.

We werken veel meer samen. We hebben een werkgroep waarin zowel opvoeders, leraren als ondersteuners zitten. Er is zowel kennis over leerlingen met een visuele beperking als met leerlingen met ASS.

Voor jongeren met ASS is een ‘speciale dag’ waarop alles anders verloopt een mogelijke bron van stress. 

Vroeger deden we een grote ‘RSV-dag’, maar dat vroeg heel veel organisatie. We probeerden de jongeren dan in te delen volgens niveau. Maar onze jongeren hebben zo’n specifieke noden, dat was niet evident. En voor jongeren met ASS is een ‘speciale dag’ waarop alles anders verloopt sowieso een mogelijke bron van stress. 

Werken in kleine groepen

Binnen het buitengewoon onderwijs zijn er heel veel niveauverschillen en specifieke noden. Sommige leerlingen hadden zelf al negatieve ervaringen met seksualiteit. Praten over seksualiteit maakt deze jongeren soms onrustig. Daarom werken we op onze school individueel of in kleine groepen. 

We zorgen ervoor om onze kennis en ervaringen aan elkaar door te geven. In onze werkgroep zitten zowel ondersteuners, leraren als opvoeders. Op een eiland werken geeft weinig resultaat. We hebben nog altijd gevoel dat het te weinig is, gezien het beperkt aantal uren dat we kunnen investeren, maar we doen wat we kunnen. 

Leermiddelenbank al inspiratiebron

We maken vaak gebruik van de online leermiddelenbank van Sensoa en gingen dit jaar ook langs voor nieuwe ideeën. We starten altijd met bestaand materiaal en passen het aan. We werken heel vaak met de werkmap Goede Minnaars. Dokter Bea gebruikten we ook al, en een zelfgemaakte hygiëne-koffer. Sommige delen zetten we om in braille of groot-druk

Als ondersteuner in het gewoon onderwijs kijken we het werkmateriaal van de leraren na en geven we tips over de moeilijkheden die de blinde of slechtziende leerling kan ervaren tijdens de les. 

Meeste ouders zijn heel tevreden 

Bij het begin van het nieuwe schooljaar sturen we een brief naar de ouders: relationele en seksuele opvoeding hoort bij de visie van de school. De meeste ouders zijn zeer tevreden met onze ondersteuning. Het is ook een specifieke doelgroep: gewoon thuis een boekje over seks op tafel leggen, zo kom je er niet bij jongeren met een beperking.

Als er zich seksueel grensoverschrijdend gedrag voordoet, betrekken we de ouders sowieso. 

Vaak hoor je ‘Ja maar bij ons mannekes is dat toch anders’. Dat klopt wel, maar ook jongeren met een beperking gaan later de volwassen wereld in. 

Mijn goede raad: doorbijten en niet snel opgeven!

We hebben een heel lang traject afgelegd van 10 jaar en ik heb nu pas het gevoel dat het eindelijk begint te draaien. We moesten eerst openheid krijgen om seksuele opvoeding bespreekbaar te maken. Er was veel schrik om 'slapende honden wakker te maken'. 

Enkele tips die ik andere begeleiders wil geven:

  • Schrijf eerst een goed beleid uit. Vraag expertise van buitenaf. De implementatie van het Vlaggensysteem - met begeleiding - heeft ons erg geholpen. 
  • Klaar je visie uit. Eerst moest er intensief gewerkt worden aan hoe we tegenover dit thema staan en dat had tijd nodig. Dan kan je pas echt goed aan de slag met de jongeren. 
  • Zorg voor een mandaat en creëer een draagvlak bij collega’s. Het was een lang traject, maar ik kijk toch tevreden terug: er is al veel gebeurd. We hebben speciaal voorlichtingsmateriaal, we hebben een 'RSV'-lokaal en een inventaris van materiaal op Smartschool. 
  • Zorg voor een goede samenwerking. De problematieken van de jongeren, hun gevoeligheden en trauma’s zijn soms erg complex. Dan heb je de expertise van alle collega’s nodig.  
  • Bijt door, geef niet te snel op. Zoals elk veranderingsproces heeft het tijd nodig, maar de jongeren hebben er baat bij! Vaak hoor je ‘Ja maar bij ons mannekes is dat toch anders’. Dat klopt wel, maar ook deze jongeren gaan later de volwassen wereld in. 

Meer informatie

Bekijk onze tips voor seksuele opvoeding aan jongeren met een beperking

Bekijk ons vormingsaanbod: