Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Anticonceptiegebruik bij Belgische jongeren en volwassenen: feiten en cijfers

Deze feiten en cijfers geeft een overzicht van het anticonceptiegebruik van Belgische jongeren en volwassenen, op basis van de verkoopcijfers.

Het gaat om verkoopcijfers van Belgische apotheken, verwerkt door de Algemene Pharmaceutische Bond (APB). De cijfers gaan over de voorbije 14 jaar

Uit de analyse blijken 4 belangrijke trends in het anticonceptiegebruik in België.

 

 

Trend 1: Het anticonceptiegebruik bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd (15-49 jaar) stijgt

Het anticonceptiegebruik bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd (15-49 jaar) is tussen 2004 en 2015 toegenomen met 6% (van 48% naar 54%). De laatste jaren is het ongeveer stabiel gebleven. 

Meer bewust van anticonceptie

Dat de cijfers stijgen is een positieve zaak: meer vrouwen beschermen zich met moderne anticonceptie tegen een ongeplande zwangerschap. 

 

 

Trend 2: het anticonceptiegebruik bij jongeren stijgt fors

De stijging van het anticonceptiegebruik komt gedeeltelijk door een sterke stijging bij jongeren. Het anticonceptiegebruik bij jongeren tussen 15 en 21 jaar is verdubbeld tussen 2004 en 2015. We beschikken niet over recente gegevens om uitspraken te doen over het anticonceptiegebruik van jongeren de laatste jaren. 

Verdubbeling anticonceptiegebruik bij jongeren

In 2015 zien we dat 58% van alle jongeren (15-21 jaar ) een betrouwbaar anticonceptiemiddel heeft gebruikt. Het gaat om meer dan de helft van alle jongeren, ook de niet seksueel actieve. Dat weten we door de verkoopcijfers te vergelijken met het totaal aantal jongeren in dat jaar. 

 

 

Trend 3: Voorkeur voor soort anticonceptie verandert

Afname pilgebruik, alternatieven in opmars

We zien een verschuiving in het soort middelen dat vrouwen en jongeren gebruiken. Het pilgebruik daalt ten voordele van langdurige anticonceptie. In 2004 gebruikte 85% van de vrouwen die anticonceptie gebruikten de pil. In 2015 is dat 77%. Ook de resultaten uit Sexpert onderzoek bevestigen dat de jongeren vooral de pil gebruiken. Jongeren tussen 14 en 17 kiezen vooral (64%) voor de pil (Buysse e.a., 2013).

De pil is dus nog altijd zeker nummer één. Maar andere middelen kennen duidelijk een opmars. 

Binnen de langwerkende alternatieven hebben jongeren en volwassenen andere voorkeuren.

  • Jongeren kiezen eerder voor het hormonaal implantaat
  • Volwassenen verkiezen eerder het spiraaltje

 

Alternatieve anticonceptiekeuze bij volwassenen: spiraaltje is nummer één

Vrouwen kiezen vooral voor het spiraaltje als alternatief voor de pil. Drie vierde van de vrouwen die niet de pil gebruiken, gebruiken het spiraaltje. Er worden maandelijks ongeveer 6.000 spiraaltjes afgeleverd. Daarvan zijn ongeveer 5.000 hormonaal en een duizendtal koperspiraaltjes

Dan volgen

  • de vaginale ring
  • het hormonaal implantaat
  • de prikpil
  • de anticonceptiepleister

 

Alternatieve anticonceptiekeuze bij jongeren: vooral hormonaal implantaat

Ook bij jongeren (-21 jaar) is de pil het meest gebruikte middel. In 2015 gebruikte 91% van de jongeren die anticonceptie gebruiken, de pil. 9% gebruikte een ander middel. Als alternatief voor de pil gebruiken jongeren in eerste instantie het hormonaal implantaat (25%)

Dan volgen

  • de pleister
  • de vaginale ring
  • het spiraaltje

 

Verschuiving in pilgebruik: voorkeur 2e generatie en minipil

Ook in de keuze van de pil zijn er verschuivingen. Zo neemt het gebruik van de 1e generatie anticonceptiepillen af. Vanaf 2013 daalt ook het gebruik van de pillen van de 3e en 4e generatie. Het pilgebruik van de 2e generatie en van de minipil neemt sinds 2012 duidelijk toe. 

Deze toename situeert zich vooral bij de jongeren: 25% van de gebruikers van de 2e generatie pillen zijn jongeren. De daling van de 3e en 4e generatie pillen heeft ongetwijfeld te maken met de berichtgeving in de media.

Begin 2013 berichtten de media over de risico's van deze pillen op de gezondheid (licht verhoogd risico op trombose). Naar aanleiding daarvan schreef het Belgisch Centrum voor Farmacotherapeutische Informatie (BCFI) voor dat de 2e generatie pillen te verkiezen zijn boven die van de 3e en 4e generatie. 

Binnen het pilgebruik is er bovendien een trend naar het gebruik van grotere verpakkingen. In het verleden was dat gewoonlijk 3 x 21 tabletten voor 3 maanden, maar de laatste jaren zijn de verpakkingen voor 6 maanden of zelfs een jaar steeds meer in opmars.

 

 

Trend 4: Gebruik noodanticonceptie blijft redelijk stabiel

Tussen 2004 en 2014 zagen we het gebruik van de noodpil licht maar constant stijgen. De laatste jaren blijft het gebruik redelijk stabiel.  

De noodpil met levonorgestrel wordt het meest verkocht. Sinds 2015 zien we de noodpil met ulipristal licht stijgen ten nadele van de noodpil met levonorgestrel.   

 

 

Hoe de toegankelijkheid van anticonceptie nog verbeteren? 

Goede informatie geven over anticonceptiekeuze

Dat vrouwen nadenken over hun anticonceptiekeuze is een goede zaak. Vrouwen zijn zich duidelijk meer bewust van de keuzemogelijkheden. Goede informatie helpt vrouwen om een middel te kiezen dat aansluit bij hun levensstijl en behoeften. 

  • In de anticonceptiewijzer vind je uitgebreide informatie over de verschillende anticonceptiemiddelen. Die helpt vrouwen om een gepast anticonceptiemiddel te kiezen, in samenspraak met hun arts.  
  • Sensoa biedt ook informatie op maat van jongeren. Op Allesoverseks.be vinden ze informatie en ervaringen van jongeren over anticonceptie. 
  • Zanzu.be is een site voor anderstaligen. Je vindt er informatie over anticonceptie in 14 talen. 
  • In de seksuele opvoeding op school is lesgeven over voortplanting en anticonceptie een belangrijk thema. 

 

De terugbetalingsmaatregel nog verbeteren

Ook de terugbetalingsmaatregel voor jongeren kan een goed anticonceptiegebruik bevorderen. Die maatregel bestaat vanaf 2004.

Deze maatregel houdt in dat elke jongere (jonger dan 21 jaar) per maand 3 euro korting krijgt bij de aankoop van anticonceptie. Deze korting komt bovenop de gedeeltelijke terugbetaling door de ziekteverzekering op sommige anticonceptiemiddelen. Dus bijvoorbeeld bij aankoop van een pil van 3 maanden, krijgt de jongere 9 euro korting door de ziekteverzekering. Daardoor worden sommige middelen gratis. 

Het effect van een dergelijke maatregel op het anticonceptiegebruik blijkt ook duidelijk uit de verkoopcijfers van het hormonaal spiraaltje: sinds 2013 is het spiraaltje gratis geworden voor jongeren, sinds dan wordt het spiraaltje bijna 40% vaker gebruikt

Aangezien we een link zien tussen de terugbetaling en het gebruik van anticonceptie bij jongeren, gaan we ervan uit dat dit ook voor andere groepen zo zal zijn. Zo zijn er immers nog groepen in onze samenleving waarvoor de aankoop van anticonceptie moeilijk of onhaalbaar is. Denk hierbij aan mensen in armoede, asielzoekers. 

Momenteel zitten weinig anticonceptiemiddelen in het systeem voor terugbetaling door de ziekteverzekering. En vaak zijn de meest betrouwbare middelen de duurste. Voor veel mensen is het onmogelijk om ineens 150 euro te betalen voor een spiraal. Het spiraaltje werkt wel 5 jaar en is dus in feite niet zo duur, maar het bedrag moet wel in één keer betaald worden.

Daarom pleit Sensoa voor een structurele oplossing rond de financiële toegankelijkheid van anticonceptie en de noodpil voor mensen die recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming.

 

 

Bronnen

Algemene Pharmaceutische Bond (APB), 2016. Intern werkdocument 'Contraceptiva 2004-2015' APB Statistics – Kristien De Bruyn.

Algemeen Pharmaceutische Bond (APB), 2018. Anticonceptie in de apotheek, Apothekersblad – Wouter Hamelinck (nog te publiceren). 

Buysse, A. e.a. (Red.). (2013). Sexpert: seksuele gezondheid in Vlaanderen. Gent: Academia.