Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

België krijgt nationaal aidsplan

01/10/2012 - 12:11

Er wordt voor België werk gemaakt van een nationaal plan rond hiv en aids. Dat zeiden Vlaams minister van Volksgezondheid Jo Vandeurzen en zijn federale collega Laurette Onkelinx eind september op het BREACH-symposium. Het plan moet ervoor zorgen dat beschikbare middelen optimaal worden ingezet en alle initiatieven elkaar onderling versterken.

Optimaal testbeleid

Vrijdag 28 en zaterdag 29 september vond het tweede symposium plaats van BREACH, het Belgische researchconsortium rond hiv en aids. Het symposium plaatste de hiv-preventie naar homomannen en migranten uit sub-Saharaans Afrika centraal. Bij deze twee groepen ligt het aantal nieuwe diagnoses met hiv in België jaar na jaar hoog. 

Tijdens het symposium werd opnieuw duidelijk dat bij hiv preventie en zorg elkaar meer dan ooit overlappen, met als scharnierpunt een optimaal testbeleid. Mensen met hiv die tijdig behandeld en goed opgevolgd worden, hebben het beste gezondheidsperspectief; bovendien daalt met een goede behandeling ook de besmettelijkheid aanzienlijk.

Innovatie en uitbreiding

Naar aanleiding van dit symposium kondigden minister Vandeurzen en minister Onkelinx het initiatief aan om te komen tot een nationaal plan rond hiv en aids. Minister Vandeurzen gaf daarbij aan dat het plan ook de aanpak rond andere seksueel overdraagbare aandoeningen dient te omvatten. Voor de preventie is de promotie van seksuele gezondheid daarom het vertrekpunt.

Wat zorg betreft, wil het plan ertoe bijdragen dat mensen met hiv de best mogelijke medische, sociale en psychologische opvolging krijgen. Een lage drempel om zich te laten testen is daarvoor een noodzakelijke voorwaarde. Ook op dit terrein wil het plan zorgen voor innovatie en uitbreiding van het aanbod. Minister Vandeurzen riep de betrokkenen op om creatief te zijn en buiten de vaste paden te treden.

Transversaal en inclusief

Sensoa is erg opgezet met dit initiatief. Het plan vertrekt niet van de complexe bevoegdheidsverdelingen die ons land op dit vlak kenmerken, maar vertrekt van de noden en de behoeften op het terrein. Het plan wil transversaal en inclusief zijn, wat betekent dat ook het tegengaan van discriminatie en stigmatisering van de betrokken groepen op de agenda zal staan.

Ook het proces is veelbelovend. Zowel minister Vandeurzen als minister Onkelinx geven aan dat ook mensen uit de diverse doelgroepen, terreinwerkers en andere professionelen bij het uittekenen van het plan worden betrokken. Dit versterkt het draagvlak en garandeert dat het plan daadwerkelijk is afgestemd op de dagelijkse realiteit. Er worden dan ook negen maanden uitgetrokken om tot een gedragen resultaat te komen.