Doel van de Onder 4 Ogen gespreksmethode

Seksuele gezondheid is een deel van de algemene gezondheid van een persoon. De Onder 4 Ogen methode is een hulpmiddel om een gesprek te voeren over seksuele gezondheid in 4 eenvoudige stappen. 

  • Als professional kan je een gesprek starten vanuit een bezorgdheid over de seksuele gezondheid van een patiënt of client.
  • Mensen kunnen vrijuit praten over hun seksuele gezondheid (praten helpt).
  • Als professional krijg je meer begrip en voeling met deze unieke persoon zodat je een hulpaanbod écht op maat kan formuleren.
  • Luisteren, toestemming geven om hierover te praten en op maat van de persoon een hulpaanbod aanreiken, helpt om de seksuele gezondheid te bevorderen.

Ruim inzetbaar als (minimale) communicatie mogelijk is

Een gesprek over seksuele gezondheid is een aanbod dat binnen een één op één context aangeboden kan worden aan elke persoon.

Voor mensen in kwetsbare situaties (anderstaligen, mensen met een migratieachtergrond of mensen met lage gezondheidsvaardigheden) is de wijze waarop je dit gesprek aangaat, niet verschillend van andere doelgroepen.

De Onder 4 Ogen gespreksmethode biedt professionals een tool om seksuele gezondheid proactief bespreekbaar te maken.

Voor een goed gesprek met een anderstalig persoon moet je elkaar minimaal kunnen begrijpen. Je zoekt naar een gemeenschappelijke taal. Of je zorgt ervoor dat er een tolk aanwezig is om het gesprek mogelijk te maken.

Bespreekbaar maken van seksuele gezondheid: drempels

Sommige professionals ervaren drempels:

  • Te weinig kennis of vaardigheden om over seksualiteit te spreken
  • Te weinig kennis over andere referentiekaders
  • Weerstand bij hulpvrager
  • De tijd ontbreekt
  • Taalbarrière

Bespreekbaar maken van seksuele gezondheid: twee basishoudingen 

Neem als hulpverlener de ‘niet weten houding’ aan. Deze houding helpt je loskomen van vooroordelen en maakt je bewust van eigen attitudes en visies. De persoon die voor je zit is de expert in zijn leven. Laat je eigen kennis los en luister onbevooroordeeld.

Luisteren is helpen. Door beluisterd te worden, voelt de hulpvrager zich minder alleen. Probeer niet dadelijk te vervallen in goede raad geven, tips geven of actie ondernemen. Als hulpverlener help je reeds als je mensen laat praten.

De Onder 4 Ogen gespreksmethode biedt een antwoord op een aantal hindernissen van de hulpverlener in 4 stappen. 

Stap 1: Breng de seksuele gezondheid proactief ter sprake

Hulpvragers verwachten dat de hulpverlener seksualiteit zelf ter sprake brengt. Benoem je beroepsgeheim. Tips om beroepsgeheim te bespreken vind je op Zanzu.be:

Info over privacy

Praten met een zorgverlener

Aanknopingspunten

Er zijn heel wat aanknopingspunten in je werk om seksualiteit of seksuele gezondheid zelf ter sprake te brengen:

  • Opvolging van medicatie of medische zorgen
  • Problemen: psycho-sociaal, fysisch, financieel
  • Specifiek gedrag van de hulpvrager of een partner: drugs, alcohol, grensoverschrijdend gedrag
  • Levensgebeurtenissen: geboorte, scheiding, overlijden familielid, nieuwe relatie

Leg uit waarom je het ter sprake brengt:

  • Als onderdeel van je job.
  • Verwijs naar expertise of aanknopingspunt.
  • Verwijs naar ervaringen: andere hulpvragen.

Vraag toestemming: "Is het oké?"

Door toestemming te vragen om het gesprek verder te zetten, verhoog je de betrokkenheid en het gevoel van controle bij de hulpvrager. Je kan de weerstand hierdoor verminderen. 

Vraag naar de situatie of ervaring van de persoon zelf

Voorbeeldzinnen:

  1. “Mijn job is praten met mensen over... Ik praat ook vaak met mensen over seks. Veel mensen maken zich daar zorgen over .… Is het ok om het hier even over te hebben? Heb jij zorgen of vragen over seks? ...Hoe loopt dat bij jou?
  2. "Soms vertellen vrouwen mij dat ze eigenlijk geen kind meer willen. Maar hun man wel. Dat is niet gemakkelijk. Vind je het goed om hierover te praten? Is dat iets dat jij ook hebt?"
  3. “Je vertelt dat je een nieuw lief hebt. We weten dat een condoom vaak vergeten wordt. Soms kan je daarna wel ergens pijn of last krijgen. Dat is vervelend. Is dat iets dat jij ook al hebt gehad? En vind je het goed om hier even over te hebben?"
  4. “Je vertelde dat je met je vrouw en twee dochters gevlucht bent. Jullie wilden niet dat jullie dochters ook (zoals je vrouw) zouden besneden worden. Ik hoor vaak van anderen dat de besnijdenis grote gevolgen heeft op hun seksleven. Heb jij hier vragen over? Is het oké om hier over te praten?"
  5. “Mannen vertellen me dat ze soms geld krijgen voor seks. Terwijl ze die seks eigenlijk niet willen. Maar ze doen dit om te kunnen overleven. Ze schamen zich hier erg over. Ik zou hier graag met jou even over willen praten, is dat oké? … Is dat iets dat jij ook al hebt moeten doen?"
  6. “In veel landen krijgen jongeren geen informatie over seks. Daardoor hebben jonge mannen vaak vragen over hun lichaam en seks. Is het oké om hier even over te praten samen? Heb jij vragen of zorgen over seks waar we even over kunnen praten?"

Aandachtspunten bij stap 1

  • Gebruik in deze eerste stap eenvoudige taal, korte zinnen en gebruik andere  (fictieve) hulpvrager-verhalen, zoals "Ik hoor van andere mensen dat ..."
  • Geeft de hulpvrager geen toestemming om over seksuele gezondheid te praten? Rond dan het gesprek af. Zeg dat de hulpvrager in de toekomst bij jou terecht kan met vragen of zorgen rond seksualiteit of seksuele gezondheid: “Indien u ooit wel vragen of zorgen zou hebben rond seksualiteit, dan kan u bij mij terecht."

Stap 2: Stimuleer de persoon om zelf te vertellen

Er zijn drie kapstokken die je kan gebruiken om de persoon te stimuleren om te vertellen. 

1. Bevraag ICE (ideas- concerns- expectations)

  • Welke zorgen heb je? (bezorgdheden)
  • Wat denk je? Hoe denk je zelf dat dit komt? (ideeën)
  • Wat verwacht je? (verwachtingen)

2. Bevraag het bio-psycho-sociaal model. Gezondheid bestaat uit fysieke, psychologische en sociale componenten

  • Heeft dit een gevolg voor je lichaam?
  • Hoe ga je hier zelf mee om?
  • Hoe denkt je partner hierover? Je familie, cultuur?

3. Bevraag de 3 G’s: gedachten, gevoelens, gedrag

Deze vragen nodigen de persoon uit om stil te staan bij zichzelf. De 3 G’s kunnen gebruikt worden bij antwoorden zoals “Dat kan bij mij niet want dat mag niet van mijn partner, ouders, geloof,...” of “Dat verandert toch niet want...”

  • Wat denk je hier zelf over?
  • Wat voel je hierbij?
  • Wat doe je hiermee?

Aandachtspunten bij stap 2

  • Sla deze stap niet over, want luisteren is helpen.
  • Vertrek vanuit de ‘niet weten houding’ en sta stil bij het verhaal van de persoon.

Wat als er geen contacttaal mogelijk is? 

Als er geen contacttaal mogelijk is, zal de Onder 4 Ogen methode geen hulp bieden in het gesprek.

  • Je kan stap 2 (de persoon stimuleren om zelf te vertellen) dan niet gebruiken.
  • De kans om als professional meer te weten over de unieke situatie waarin de persoon zich bevindt, is klein. 
  • Je kan als professional de gevoelens en noden van de persoon dan niet begrijpen en mogelijk zelfs foutief invullen.

Wil dit zeggen dat seksuele gezondheid dan niet ter sprake komt? Neen, zeker niet. 

  • Je kan met behulp van Zanzu.be wel objectieve, neutrale informatie geven in de moedertaal of contacttaal van de persoon.
  • Ook zo kan je bijdragen aan de seksuele gezondheid van je patiënt of cliënt. Ook al is de info dan niet op maat.

Stap 3: Vat samen

Vat als hulpverlener de antwoorden op de ICE-vraag (en andere kapstokken) samen. Dit maakt de brug naar het aanbod.

Voor de hulpverlener is het belangrijk om samen te vatten:

  • Omwille van (vaak) beperkte tijd.
  • Om het gesprek in de hand te houden.
  • Om het gesprek respectvol af te ronden.

Voor de hulpvrager is het belangrijk om samen te vatten:

  • Omdat die zich gehoord voelt
  • Omdat die kan aangeven of het klopt.

Stap 4: Doe een aanbod

Het aanbod kan verschillend zijn:

  • Verwachtingen bijstellen 
  • Een vervolg-afspraak plannen (minimum)
  • Informatie geven via de websites Zanzu.be (in 14 talen) of Allesoverseks.be
  • Doorverwijzen 

Aandachtspunten bij stap 4

  1. Geef aan dat je informatie zal geven en vraag toestemming.
  2. Benadruk vooraf dat veel personen aangeven dat de informatie soms (te) veel is. 
  3. Vraag aan de persoon om te zeggen wanneer je als hulpverlener te snel gaat: “Heel wat mensen vinden de info die ik geef soms moeilijk. Soms leg ik het te snel uit. Wil je me zeggen als ik te snel ga?”
  4. Probeer de informatie kort te houden en structureer je antwoord. Vraag of het oké is als je nogmaals herhaalt, vraag of er nog vragen zijn. 
  5. Gebruik Zanzu.be als ondersteuningsmiddel: 
  • Gebruik de tekeningen om uitleg te geven.
  • Bekijk Zanzu.be in het Nederlands en krijg gelijktijdig een vertaling in één van de 13 andere talen. 
  • Draai je scherm om samen te kijken.
  • Laat de tekst in één van de 14 talen voorlezen.
  • Onder elke pagina vind je hulpadressen.

Werk financiële drempels weg 

  • Ga na of de patiënt of hulpvrager recht heeft op verhoogde tegemoetkoming. 
  • Ben je een medische zorgverlener? Pas zo veel mogelijk de derdebetalersregeling toe. 
  • Ga na of de patiënt recht heeft op verhoogde terugbetaling van bijv. anticonceptie via het ziekenfonds.

Opleiding

Sensoa en VIVEL maken seksuele gezondheid bespreekbaar met de gratis online cursus 'Onder 4 Ogen'. Met praktische oefeningen en tips.