Hoe vaak komt seksueel grensoverschrijdend gedrag en misbruik voor bij jongeren en volwassenen? In deze 'Feiten en cijfers' vind je recente cijfers voor Vlaanderen en voor België.

Wat is seksueel grensoverschrijdend gedrag?

Seksueel gedrag kan oké zijn of grensoverschrijdend. We gebruiken het Sensoa Vlaggensysteem om te bepalen of seksueel gedrag oké is of niet.1 Het Vlaggensysteem gebruikt 6 criteria om een situatie te beoordelen: 

  1. Wederzijdse toestemming: alle betrokkenen gaan akkoord en voelen zich er prettig bij. De toestemming kan op elk moment ingetrokken worden: zowel vóór als tijdens de handelingen. 
  2. Vrijwilligheid: er is geen sprake van beloning, manipulatie, druk of dwang.
  3. Gelijkwaardigheid: de partners zijn gelijkwaardig op vlak van leeftijd, intelligentie, macht of maturiteit.
  4. Ontwikkelings- of functioneringsniveau: het gedrag is typisch en aanvaardbaar voor de ontwikkelingsfase van een kind of jongere. Of de volwassene is fysiek en geestelijk bekwaam genoeg. 
  5. Context: het gedrag houdt rekening met de omgeving en stoort/choqueert niemand.
  6. Impact: Is dit gedrag niet schadelijk voor mezelf? Voor de ander? 

Vanaf het moment dat één van deze criteria niet oké is, spreken we van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Lees meer over de criteria van het Vlaggensysteem

Seksueel misbruik is zonder twijfel een vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Maar niet elke vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag kun je bestempelen als misbruik.

Wat is seksueel misbruik? 

Seksueel misbruik is elke vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag, verbaal, fysiek, al dan niet opzettelijk

  • waarbij duidelijk geen wederzijdse toestemming bestaat
  • en/of dat niet vrijwillig is
  • en/of waar het slachtoffer veel jonger is of in een afhankelijkheidsrelatie staat ten opzichte van de pleger

Seksueel misbruik is zonder twijfel een vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Maar niet elke vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag kun je bestempelen als misbruik.

Gebruik het Vlaggensysteem om seksueel gedrag in te schatten en gepast te reageren 

Slachtoffers of getuigen van seksueel grensoverschrijdend gedrag doen vaak géén melding bij hulpverlening of politie.

Hoe vaak komt seksueel grensoverschrijdend gedrag voor?

Om een zicht te krijgen op de omvang van misbruik en grensoverschrijdend gedrag in Vlaanderen en België, gebruiken we 3 types bronnen:

  • cijfers vanuit de hulpverlening
  • cijfers van politie en justitie
  • cijfers uit wetenschappelijk onderzoek

Veel slachtoffers of getuigen van seksueel grensoverschrijdend gedrag doen geen beroep op hulpverlening. Nog minder slachtoffers dienen klacht in bij de politie. Slechts een minderheid van de incidenten belandt dus in de statistieken van hulpverlening en politie.

Dat verklaart het grote verschil tussen de cijfers uit onderzoek en de registratiecijfers bij politie of hulpverlening. 

We kijken dus best naar de cijfers uit wetenschappelijk onderzoek om een realistisch beeld te krijgen. Let wel op als je studies vergelijkt: ze gebruiken vaak verschillende definities en vraagstellingen. 

Cijfers grensoverschrijdend gedrag uit onderzoek

UN-MENAMAIS-studie (België)

De UN-MENAMAIS-studie (Understanding the Mechanisms, Nature, Magnitude and Impact of Sexual Violence in Belgium) is de eerste studie over seksueel grensoverschrijdend gedrag in België die representatief is voor alle genders en leeftijden. Deze studie bevroeg meer dan 5.000 personen naar hun ervaringen met seksueel grensoverschrijdend gedrag.24 

64% van de personen tussen 16 en 69 jaar maakte seksueel grensoverschrijdend gedrag mee in hun leven (4/5 meisjes en vrouwen, 1/2 van de jongens en mannen).  In de laatste 12 maanden voor hun deelname maakte 44% seksueel grensoverschrijdend gedrag mee. 

De onderzoekers maakten een onderscheid tussen hands-off en hands-on seksueel grensoverschrijdend gedrag:

Hands-off seksueel grensoverschrijdend gedrag is seksueel grensoverschrijdend gedrag zonder aanrakingen.

  • 78% van de vrouwen en 41% van de mannen maakte een vorm van hands-off seksueel grensoverschrijdend gedrag mee.
  • De afgelopen 12 maanden kreeg de helft van de vrouwen en één derde van de mannen te maken met een vorm van hands-off seksueel grensoverschrijdend gedrag. 

Hands-on seksueel grensoverschrijdend gedrag is seksueel grensoverschrijdend gedrag met aanrakingen.

  • 42% van de vrouwen en 19% van de mannen maakte een vorm van hands-onseksueel grensoverschrijdend gedrag mee.
  • Bij 16% van de vrouwen en 5% van de mannen ging het zelfs om verkrachting.
  • De afgelopen 12 maanden kreeg 10% van de vrouwen en 6% van de mannen te maken met een vorm van hands-on seksueel grensoverschrijdend gedrag. 

Sexpert (Vlaanderen)

De 'Sexpert'-studie bevroeg 1.832 personen tussen 14 en 80 jaar uit het Vlaams gewest over hun seksuele gezondheid.2 Het onderzoek peilde naar volgende ervaringen met seksueel grensoverschrijdend gedrag: 

  • kwetsende seksuele aanrakingen
  • gedwongen worden naakt te zijn
  • gedwongen worden om naar seksuele beelden te kijken
  • gedwongen worden te masturberen
  • gedwongen orale seks (uit te voeren of te ontvangen)
  • (poging) tot verkrachting

16,6% maakte seksueel grensoverschrijdend gedrag mee vóór 18 jaar (1 op 5 van de meisjes en 1 op 10 van de jongens)

8,1% van de bevraagde Vlamingen maakte seksueel grensoverschrijdend gedrag mee na 18 jaar (13,8% van de vrouwen tegenover 2,4% van de mannen)

Monitor Seksuele Gezondheid (Nederland)

De ‘Monitor Seksuele gezondheid’ is een representatief bevolkingsonderzoek onder ruim 17.000 volwassenen tussen 18 en 80 jaar.3

Dit onderzoek maakt een opdeling tussen seksueel geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag:

  • Seksueel geweld: 22% procent van de vrouwen en 6% van de mannen heeft manuele, orale, vaginale of anale seks tegen de wil meegemaakt en/of is gedwongen om seksuele handelingen te stellen. 
  • Seksueel grensoverschrijdend gedrag: als je zoenen en seksueel aanraken tegen de wil meetelt, is dit percentage nog veel hoger, namelijk 53% van de vrouwen en 19% van de mannen.

Europees onderzoek

Europees onderzoek vroeg naar ervaringen met seksuele intimidatie.6

Seksuele intimidatie wordt hier beschreven als:

  • ongewenste aanraking, omhelzing of kus
  • seksueel suggestieve opmerkingen of grappen waardoor iemand zich beledigd voelde
  • iemand die seksueel expliciete afbeeldingen, foto’s of geschenken stuurde of toonde waardoor je je beledigd voelde
  • iemand die exhibitionistisch gedrag vertoont
  • iemand die je dwong om tegen je wil pornografisch materiaal te bekijken
  • ongewenste seksueel expliciete e-mails of sms-berichten die je beledigend vond
  • ongepaste uitnodigingen voor afspraakjes
  • opdringerige vragen over je privéleven waardoor je je beledigd voelde
  • opdringerige opmerkingen over je uiterlijk waardoor je je beledigd voelde
  • ongepast staren of gluren waardoor je je geïntimideerd voelde
  • ongepaste toenaderingen die je beledigend vond, op sociaalnetwerksites zoals Facebook, of in chatrooms op internet.

30% van Belgische vrouwen ouder dan 15 jaar kreeg het afgelopen jaar te maken met seksuele intimidatie. Let op: mannen werden in dit onderzoek niet bevraagd. 

Wetenschappelijk onderzoek over sexting

Cijfers over online seksueel grensoverschrijdend gedrag en grensoverschrijdende sexting (zonder toestemming versturen of doorsturen van seksueel getinte foto’s) vind je in de Feiten en cijfers over jongeren en sexting.

Cijfers grensoverschrijdend gedrag uit de hulpverlening

Meldingen bij Vertrouwenscentra Kindermishandeling

In 2021 noteerden de Vertrouwenscentra Kindermishandeling 7.535 meldingen van (een vermoeden van) kindermishandeling. Een stijging met 5% tegenover 2020. 5 10.070 kinderen en jongeren waren hierbij betrokken. De voorbije jaren stijgt het aantal meldingen zelfs met 11%. Meer mensen vinden dus de weg naar de Vertrouwenscentra. 

17% van de meldingen ging over (een vermoeden van) seksueel misbruik als ‘belangrijkste probleem’. Het is de problematiek waarvoor het aantal meldingen het meest steeg ten opzichte van 2020. Het aantal meldingen van grensoverschrijdend gedrag door andere minderjarigen daalt dan weer tegenover de vorige jaren. 

Hulplijn 1712 - meldingen over geweld en misbruik

1712 is de hulplijn bij vragen over elke vorm van geweld of misbruik. Niet alleen lichamelijk geweld: ook psychisch, economisch of seksueel geweld kan aan bod komen. 1712 is een samenwerkingsverband tussen de Vertrouwenscentra Kindermishandeling en de Centra voor Algemeen Welzijnswerk.

In 2021 beantwoordde 1712 8.515 unieke oproepen over 11.312 (mogelijke) slachtoffers van geweld, misbruik of kindermishandeling. Dat is een lichte stijging van in vergelijking met 2020. Hiermee kreeg 1712 het hoogste aantal oproepen ooit. 1712 breidde in 2021 de openingsuren uit en zette in op bekendmaking. Dat kan de stijging mee verklaren. 25

Vooral de directe omgeving van het slachtoffer (familie of vrienden) neemt contact op met 1712. Iets meer dan één op drie mensen die contact opneemt, is zelf slachtoffer van geweld, misbruik of kindermishandeling. Vooral vrouwen contacteren 1712. 

Bij de meldingen via chat liggen de verhoudingen anders: daar is meer dan de helft van de contactnemers zelf slachtoffer. Vermoedelijk ligt dit aan het meer anonieme karakter van deze vorm van hulpverlening. Minderjarigen die zelf contact opnemen doen dat ook veel meer via de chat dan via de telefoon. 

Reden van de oproepen in 2020: 

  • In 58% van de gevallen gaat het over geweld op minderjarigen
  • Bij 14% van de slachtoffers is seksueel geweld de voornaamste vorm van geweld. Dat is een stijging van 3% ten opzichte van 2020.

Meldingen bij Nupraatikerover.be

Sinds 2016 is het mogelijk voor jongeren om zelf in gesprek te gaan met een hulpverlener van de Vertrouwenscentra via de chatwerking ‘Nupraatikerover’. De chat ontving 574 nieuwe oproepen in 2021, dat is een stijging van 28% tegenover 2020.5

Hulplijn 'Stop it Now!'

Stop it Now! biedt een luisterend oor, informatie, advies en ondersteuning aan personen die zich zorgen maken over hun gevoelens of seksueel gedrag naar minderjarigen, alsook aan hun naasten. Contact opnemen kan telefonisch, via mail of chat. 

Daarnaast wil Stop it Now! de stap naar de gepaste hulp verkleinen. 

  • Sinds de start van de hulplijn in mei 2017 tot en met eind 2020 vonden er 1.913 contacten plaats (per telefoon, mail en chat).8
  • In 2021 vonden 410 contacten plaats: 162 per telefoon, 173 via e-mail en 75 via chat.
  • In 2021 was 52% van de contacten bezorgd over zichzelf, 23% was bezorgd over een naaste en 8% was bezorgd als professional. De overige vragen waren informatief. 
  • In 2021 werden 66 mensen doorverwezen naar verdere hulpverlening.
  • 80% van de mensen die werden doorverwezen naar gespecialiseerde hulpverlening, heeft zich ook effectief aangemeld. 

De cijfers uit het jaarverslag van Stop it Now! vertellen ons dus niet hoe vaak kindermisbruik voorkomt. Wel geeft het meer inzicht in het hulpzoekend gedrag van mensen met gevoelens naar minderjarigen. 

Aantal meldingen van misbruik bij politie en justitie in België

De politie registreert meldingen van verschillende vormen van seksueel grensoverschrijdend gedrag tegenover minder- en meerderjarigen in de criminaliteitsstatistieken.

Justitie geeft cijfers vrij over het aantal veroordelingen van misdrijven. De meest recente cijfers dateren van 2016.

Deze cijfers gaan telkens over veroordelingen van volwassenen. Minderjarigen kunnen namelijk niet worden veroordeeld tot straffen, zij krijgen maatregelen opgelegd door de jeugdrechter.

Je kan geen verband leggen tussen de cijfers van politie en die van justitie: het kan verschillende jaren duren voor er veroordeling wordt uitgesproken en de manier van registreren verschilt.

Seksueel strafrecht aangepast vanaf 1 juni 2022

Sinds 1 juni 2022 is het nieuwe seksuele strafrecht van kracht. Hierin werden heel wat termen en strafbaarstellingen aangepast. Zo is ‘aanranding van de eerbaarheid’ vervangen door ‘aantasting van de seksuele integriteit’. Deze aanpassingen zullen er wellicht voor zorgen dat we de cijfers vanaf 2022 moeilijker kunnen vergelijken met voorgaande jaren. 

Aanranding van de eerbaarheid: meldingen en veroordelingen (situatie voor 1 juni 2022)

Alle cijfers die we nu hebben zijn nog van toen het ‘oude’ seksuele strafrecht in voege was. We gebruiken hier dus nog de oude termen en strafbaarstellingen. 

  • Aanranding van de eerbaarheid werd in het oude strafwetboek opgesplitst in ‘aanranding met geweld of bedreiging’ en ‘aanranding zonder geweld’.
  • Aanranding zonder geweld of bedreiging was volgens de wet, en op het moment van deze dataverzameling enkel toepasbaar op minderjarigen. De wetgever ging ervanuit dat als er geen geweld of bedreiging was, een volwassen persoon heeft ingestemd.

In 2020 waren er 3.731 meldingen van aanranding (zonder pogingen mee te tellen)

  • 1.462 meldingen van aanrandingen met geweld of bedreiging, waarvan 3 met de dood tot gevolg. 36% van de slachtoffers was minderjarig.
  • 2.246 meldingen van aanranding zonder geweld of bedreiging. Het gaat hierbij dus telkens over aanranding van een minderjarige.
  • Bij de overige meldingen was niet nader bepaald of ze met of zonder geweld gebeurden.

Er waren in 2020 dus ongeveer 10 meldingen van aanranding van de eerbaarheid per dag. Dat is in gelijke verhouding met 2019.9

In 2016 werden 479 veroordelingen uitgesproken voor aanranding van de eerbaarheid.

Verkrachting: meldingen en veroordelingen

In 2020 waren er 3.153 meldingen van verkrachting, zonder pogingen mee te tellen.

In 2020 waren er 152 aangiftes van groepsverkrachting (pogingen niet meegeteld), tegenover 194 in 2019.

In België zijn er dus op basis van de aangiftes gemiddeld 9 verkrachtingen per dag. Ongeveer 45% van deze meldingen gaat over de verkrachting van een minderjarige.

In 2016 werden 416 veroordelingen uitgesproken voor verkrachting. 154 daarvan waren voor de verkrachting van een volwassene. 262 veroordelingen waren voor de verkrachting van een kind of jongere onder de 18 jaar.

Omdat de registratiesystemen niet op elkaar zijn afgestemd, kunnen we de cijfers van justitie niet vergelijken met de meldingen bij politie.

Meldingen van grooming

'Grooming' is het contact leggen van volwassenen met kinderen jonger dan 16 jaar, met het oog op seksuele toenadering. 

Toen deze cijfers werden bijgehouden, sloeg grooming enkel op online toenadering. In de nieuwe strafwet (2022) valt elke vorm van seksuele toenadering tot kinderen onder grooming. 

Groomers bouwen een vertrouwensrelatie uit met het oog op seksueel misbruik.

  • Ze proberen de seksuele of andere drempels van het kind weg te werken of te verlagen.

In 2020 werden in België 148 meldingen gemaakt van grooming, dat zijn er 10 minder dan in 2019.

Meldingen van misbruikbeelden van kinderen

Misbruikbeelden van kinderen (vroeger verkeerdelijk kinderporno genoemd) is 'alle materiaal dat kinderen (of personen die er als kind uitzien) toont die deelnemen aan echte of gesimuleerde seksuele handelingen'. Ook weergeven van geslachtsorganen van het kind voor seksuele doeleinden valt onder misbruikbeelden van kinderen.

In 2020 waren er 1.308 meldingen die te maken hadden met het maken, bezitten of verspreiden van misbruikbeelden van kinderen.

Meldingen van voyeurisme

De strafwet stelt het maken of verspreiden van beelden strafbaar als dat gebeurde zonder de toestemming van de persoon op de beelden.

Zelfs wanneer de beelden werden gemaakt met toestemming van de persoon is het dus strafbaar om ze zonder toestemming verder te verspreiden.

In 2020 werden 1.209 meldingen gedaan van (poging tot) voyeurisme. In 2019 waren dat er 974.

Wie is pleger van seksueel grensoverschrijdend gedrag? 

Opvallend: de meeste plegers zijn bekenden van het slachtoffer. Dat weten we op basis van het Sexpert-onderzoek.2

Bij minderjarigen is de pleger meestal een bekende

  • een familielid of huisgenoot (24,9%)
  • een kennis (24%)
  • een (ex-)partner (12,9%)
  • een vriend(in) (6,8%)
  • een klasgenoot of medestudent (6,3%)
  • een leerkracht, begeleider, hulpverlener, geestelijke … (5,9%)

In slechts 16,6% van de gevallen is de pleger een onbekende. 

Bij minderjarigen is in de meerderheid van de gevallen de pleger een leeftijdsgenoot.

Ook bij volwassenen is de pleger meestal een bekende

  • in bijna de helft van de gevallen een (ex-)partner (46,7%)
  • in andere gevallen een kennis (17,9%)
  • een collega of medestudent (10,4%)
  • een vriend(in) (7,8%)
  • een familielid of huisgenoot (4%)

Slechts in 14,2% van de gevallen is de pleger een onbekende, bij mannelijke slachtoffers bijna dubbel zo vaak als bij vrouwen.

Ook bij ouderen, en de pleger is vaker een onbekende

Ook ouderen (+70 jaar) maken seksueel grensoverschrijdend gedrag mee. In 2019 had 8,4% van de ouderen een ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag, De cijfers lopen gelijk voor mannen en vrouwen. Bij

  • 7% gaat om seksueel grensoverschrijdend gedrag zonder aanrakingen.
  • 2,5% om seksueel grensoverschrijdend gedrag met aanrakingen.
  • 0,6% om (poging tot) verkrachting.24

Bij ouderen is de pleger, in tegenstelling tot bij minderjarigen en andere volwassenen, vaker een onbekende:26

  • een onbekende (44,2%)
  • een kennis (37,2%) 
  • een vriend (27.9%) 
  • een autoriteitsfiguur (11,6%) 
  • een collega of klasgenoot (9,3%) 
  • een familielid (4,7%) 

Ook vrouwen en meisjes zijn pleger

Vooral mannen gaan over de grens, maar er zijn zeker ook vrouwen en meisjes die grensoverschrijdend gedrag plegen.

Bij de volwassen mannen die slachtoffer werden, bleek de pleger in 33% van de gevallen een vrouw.3 In Belgisch onderzoek geven kinderen aan dat de pleger binnen het gezin vaak de moeder is.4

    Seksueel grensoverschrijdend gedrag kan iedereen overkomen. Maar van sommige groepen weten we dat ze het vaker meemaken

    Wie is kwetsbaar voor seksueel grensoverschrijdend gedrag? 

    Er is geen duidelijk profiel van slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het kan iedereen overkomen. Maar van sommige groepen weten we dat ze meer seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaken:

    Kinderen en jongeren

    Het Sexpert-onderzoek toont aan dat dubbel zoveel kinderen als volwassenen seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaken.2

    Gemiddeld waren jongeren 13 jaar oud toen het de eerste keer gebeurde. Bij herhaaldelijk slachtofferschap was de gemiddelde leeftijd bij de eerste keer 11, en bij de laatste keer 14 jaar.

    Zowel jongens als meisjes worden soms op een ongewenste en seksuele manier aangeraakt. Dat blijkt uit een vierjaarlijkse bevraging van Europese jongeren (2018), waaraan ook Vlaanderen meewerkt. 11,2% van de jongens en 23,2% van de meisjes gaven in 2018 aan dat ze minstens eenmaal ongewenst werden aangeraakt. Dat is significant hoger dan in 2014. Hoe ouder de jongeren, hoe meer ongewenste aanrakingen ze meemaken.21

    Jongeren worden ook soms verplicht iemand seksueel aan te raken. Dat overkomt 3,8% van de jongens en 8,3% van de meisjes. Dat is significant meer dan in 2014. Hou ouder, hoe meer ervaring hiermee.21

    Jongvolwassenen

    De jongste categorie van bevraagden (16 tot 24 jaar) uit het UN-MENAMAIS onderzoek gaf het vaakst aan dat ze het voorbije jaar seksueel grensoverschrijdend gedrag hadden meegemaakt. Bij jonge vrouwen gaf 79% van de bevraagden dit aan, ook bij mannen waren de cijfers het hoogste bij de jongeren/jongvolwassenen. 

    Plan International peilde bij bijna 700 Belgische jongeren naar de omvang van seksuele intimidatie. 91% van de meisjes en 28% van de jongens tussen 15 en 24 jaar was al eens slachtoffer.

      Meisjes en vrouwen

      Meisjes en vrouwen worden vaker slachtoffer dan jongens en mannen.2 Dat tonen de meeste onderzoeken aan: UN-MENAIMAIS, Sexpert, Seks onder je 25e. 13

      Ter nuancering: er is ook onderzoek dat aantoont dat in sommige contexten jongens net vaker slachtoffer worden.14

      LGBTQIA+ personen

      Bij mensen die aangeven holebi te zijn maken 1 op de 5 jongens en 2 op de 5 meisjes seksueel grensoverschrijdend gedrag mee voor de leeftijd van 18 jaar. Na de leeftijd van 18 jaar gaf 1 op de 10 mannen en 1 op de 5 vrouwen aan seksueel grensoverschrijdend gedrag te hebben meegemaakt.

      Homo- en biseksuele mannen maken dus 5 keer zo veel kans om slachtoffer te worden dan heteromannen.2

      60% van de transgender personen heeft wel eens te maken gehad met ongewenste opmerkingen en aanrakingen. Ongeveer 1 op de 5 transvrouwen heeft seksueel geweld meegemaakt. Dat geldt ook voor 1 op de 3 transmannen.15

      Dat personen die zich als LGBTQIA+ identificeren kwetsbaar zijn voor seksueel grensoverschrijdend gedrag, blijkt ook uit de recentere UN-MENAMAIS-studie. Vier van de vijf personen die zich als LGBTQIA+ identificeren, maakte ooit seksueel grensoverschrijdend gedrag mee.

      • 79% gaf aan ooit seksueel grensoverschrijdend gedrag zonder aanrakingen ervaren te hebben.
      • 42% maakte seksueel grensoverschrijdend gedrag met aanrakingen mee.
      • waarvan 1/4 (poging tot) verkrachting. 

      Mensen die als kind al slachtoffer werden

      Wie als kind meerdere vormen van seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaakt, maakt dubbel zoveel kans om op volwassen leeftijd opnieuw slachtoffer te worden. Dat blijkt uit het Sexpert onderzoek:2

      • Van de respondenten die geen ervaring hadden met seksueel grensoverschrijdend gedrag voor de leeftijd van 18 jaar, rapporteert 7,1% ervaringen met seksueel grensoverschrijdend gedrag na 18 jaar.
      • Van de respondenten die voor de leeftijd van 18 jaar één vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaakte, rapporteert 11,1% ervaring na 18 jaar.
      • Van de respondenten die ervaring hadden met meerdere vormen van seksueel grensoverschrijdend gedrag voor de leeftijd van 18 jaar, rapporteert 14,3% ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag na 18 jaar.

       

      Mensen met een beperking

      Hoe kwetsbaar zijn mensen met een beperking voor seksueel grensoverschrijdend gedrag? De cijfers variëren naargelang het geslacht en de beperking.16Maakten ooit in hun leven één of andere vorm van seksueel geweld mee: 

      • 35% van de vrouwen en 15% van de mannen met een lichamelijke beperking
      • 61% van de vrouwen en 23% van de mannen met een verstandelijke beperking
      • 21% van de vrouwen en 12% van de mannen met een visuele beperking
      • 43% van de vrouwen en 7% van de mannen met een auditieve beperking

      Vrouwen met een beperking

      Vrouwen met een beperking blijken extra kwetsbaar voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Vlaams onderzoek uit 2018 geeft aan waar de pijnpunten liggen20

      • Lichamelijkheid en seksualiteit dreigt bij vrouwen met een beperking 'onteigend' te worden. Zo hebben de vrouwen bijvoorbeeld geen taal om erover te praten of zijn ze het bijna 'normaal’ gaan vinden dat ze misbruikt werden. 'Het hoort erbij'.
      • Vrouwen met een beperking die participeerden aan dit onderzoek hebben meestal meerdere keren tijdens hun leven te maken gehad met seksueel misbruik. 
      • De misbruikers waarover gerapporteerd wordt zijn meestal mannen (96%), dikwijls zijn het ‘bekenden’ (80%). 
      • Veel vrouwen gaan ervan uit dat ze ‘een aandeel’ hebben in het misbruik.
      • Ze zijn weinig bereid om misbruik te melden. Melden ze de feiten wel, dan meestal bij mensen uit hun dichtste kring.
      • Deelnemers die de feiten meldden, kregen veel af te rekenen met ‘niet ernstig genomen worden’ of met ‘het toedekken’ van de feiten.
      • De gevolgen van het seksueel misbruik zijn voor de vrouwen ernstig en langdurig. Met negatieve gevolgen op emotioneel, lichamelijk, psychisch en relationeel vlak, vaak in combinatie met elkaar. 

      Vluchtelingen en asielzoekers

      Meer dan 84% van de verzoekers om internationale bescherming die in België verblijven, maakte seksueel grensoverschrijdend gedrag mee, blijkt uit de UN-MENAMAIS-studie. Bij 61% gebeurde dat het afgelopen jaar, toen ze dus al in Europa of België waren.

      Het valt op dat de cijfers bij mannen veel hoger liggen dan in de algemene bevolking. Ook de cijfers over verkrachting zijn opvallend hoog. 40 procent van de vrouwelijke en 19 procent van de mannelijke asielzoekers zeggen daarvan al het slachtoffer te zijn geweest – tegenover respectievelijk 16 en 5 procent in de hele bevolking.  

      Grensoverschrijdend gedrag op het werk komt het vaakst voor tijdens interacties waar statusverschillen belangrijk zijn

      Waar komt seksueel grensoverschrijdend gedrag voor? 

      Er is veel onderzoek naar de settings waarin minderjarigen geconfronteerd worden met seksueel grensoverschrijdend gedrag. Voor volwassenen is er recent onderzoek over de zorgsector en de cultuursector. 

      Bij jongeren: thuis, op school en in de vrije tijd

      Het onderzoek 'Geweld, gemeten en geteld' van UC Leuven Limburg peilde naar de omgeving waarin kinderen en jongeren met seksueel grensoverschrijdend gedrag te maken krijgen.14

      In de thuissituatie werd 4,9% van de respondenten met seksueel grensoverschrijdend gedrag geconfronteerd. 5,2% van de meisjes en 4,3% van de jongens kreeg met minstens één vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag te maken.

      Het gaat vooral om ongewenst kijken naar borsten of geslachtsdelen en ongewenste seksuele aanrakingen. Jongeren geven aan dat het vooral hun moeder of een broer is die over de grens gaat.

      Op school kreeg 16,2% van leerlingen (18,4% van de meisjes en 13,9% van de jongens) af te rekenen met minstens één van de seksueel grensoverschrijdende handelingen, meestal gaat het om ongewenst kussen en ongewenste seksuele aanrakingen. In de meeste gevallen ging het over andere jongeren die over de grens gingen.

      7,8% van de kinderen en jongeren in de jeugdbeweging (5,8% van de meisjes en 9,4% van de jongens) en 6,8% van de kinderen en jongeren in de sportclub (4,3% van de meisjes en 8,8% van de jongens), heeft het afgelopen jaar minstens één vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag ervaren.

      In de jeugdbeweging en sportclub maken jongens volgens dit onderzoek dus meer grensoverschrijdend gedrag mee dan meisjes. Net als in de schoolcontext gaat het vooral om ongewenst kussen en ongewenste seksuele aanrakingen en zijn het vooral andere jongeren die over de grens gaan.

      Dat meestal de leeftijdsgenoten verantwoordelijk zijn voor seksueel grensoverschrijdend gedrag bleek ook uit eerder onderzoek.17

      Bij volwassenen: seksueel ongewenst gedrag op het werk

      2,5 procent (3,9% van de vrouwen en 0,6% van de mannen) of 58.000 van de werknemers in Vlaanderen kreeg in het jaar voorafgaand aan de studie te maken met seksueel ongewenst gedrag op het werk.27

      Zorgmedewerkers werden veel meer dan andere beroepsgroepen slachtoffer van seksueel grensoverschrijdend gedrag op het werk (8,7%). Verder is er weinig lokaal onderzoek over de settings waarin volwassenen seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaken.27

      Seksuele intimidatie op het werk

      Recent onderzoek van het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen vond dat 6% van de vrouwen en 2% van de mannen ooit op een intieme manier werden aangeraakt door een leidinggevende of klant.22

      Verder werd van 2% van de vrouwen en 2% van de mannen ooit verwacht dat ze flirterig omgingen met klanten. Van 1% van de vrouwen en 1% van de mannen werd ooit verwacht seksuele betrekkingen te hebben met een leidinggevende of klant.  

      Vrouwen rapporteren dus tweemaal vaker ongewenste intimiteiten dan mannen. Vaak gaat het over leidinggevenden die zich grensoverschrijdend gedragen, maar het kan ook over klanten of externen gaan.

      Seksueel grensoverschrijdend gedrag in de cultuursector

      De meeste vrouwen in de cultuursector (71%) hebben zelf ooit iets meegemaakt dat ze grensoverschrijdend vonden. Bij 50% van de vrouwen was dat in het voorbije jaar. 1 op 3 mannen heeft ooit zelf iets meegemaakt dat ze als grensoverschrijdend hebben ervaren en bij 1 op 5 mannen was dat in het voorbije jaar.  

      Grensoverschrijdend gedrag lijkt het meest voor te komen bij jonge mensen aan het begin van hun carrière in de media en/of cultuursector. Grensoverschrijdend gedrag op het werk komt het vaakst voor tijdens interacties waar statusverschillen belangrijk zijn. Personen met een eerder artistieke of een artistiek-technische functie geven vaker aan dat zij bepaalde vormen van grensoverschrijdend gedrag hebben meegemaakt. Bij personen met een administratieve of meer ondersteunende functie is dat minder het geval.

      Ook zelfstandigen met een freelance statuut of werknemers met een tijdelijk contract vormen een kwetsbare groep.19

      De rol van omstanders bij seksueel grensoverschrijdend gedrag

      Bij seksueel grensoverschrijdend gedrag zijn in enkele situaties niet enkel de pleger(s) en slachtoffer(s) aanwezig, maar ook omstanders

      Wat is een omstander?

      • Een omstander is een persoon die aanwezig is bij de gebeurtenis, maar niet betrokken is. Het gaat dus om een getuige.28
      • In brede zin is een omstander ook een persoon die weet heeft van seksueel grensoverschrijdend gedrag dat in het verleden gebeurde of nog steeds (chronisch) voorkomt.

      Getuigen die aanwezig zijn: welke invloed hebben zij?

      Een omstander kan op verschillende manieren invloed uitoefenen op de situatie en de betrokkenen. Een omstander kan

      • niets doen.
      • de situatie verergeren door bijvoorbeeld mee te doen of het gedrag te steunen.
      • op een helpende manier reageren.28

      Door op een helpende manier te reageren, kan een omstander de situatie stoppen, tonen aan de betrokkenen dat het gedrag niet oké is, of steun bieden aan de persoon die seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaakt.

      Meerderheid grijpt niet in, maar vindt reageren wel belangrijk

      Het merendeel van de omstanders grijpt niet in, blijkt uit onderzoek.29 Waarom niet? Enkele redenen:

      • Mensen herkennen het gedrag niet als grensoverschrijdend.
      • Ze hebben schrik om zelf slachtoffer te worden.
      • Ze denken 'is het wel aan mij om te reageren?'
      • Ze willen wel reageren, maar weten niet hoe (intern onderzoek).

      Wat denken jongeren over de rol van omstanders?

      • Hoe belangrijk vinden jongeren het om in te grijpen bij seksueel grensoverschrijdend gedrag?
      • Hoe bekwaam vinden jongeren zichzelf?  

      Voor de campagne 'WijGrijpenIn' vroeg Sensoa 517 jongeren naar hun kennis en attitudes. Van de jongeren tussen 16 en 26 jaar vindt 90% het belangrijk om in te grijpen bij een incident, maar weet 40% niet hoe.30

      Tips en opleiding over de rol van omstanders

      Omstanders doorlopen verschillende stappen vooraleer ze werkelijk ingrijpen. Daarom geeft Sensoa tips: hoe kan je helpen als getuige?

      Je kan als professional ook opleiding volgen over de rol van omstanders.

      Wat zijn de gevolgen van seksueel grensoverschrijdend gedrag?

      De gevolgen van seksueel grensoverschrijdend gedrag verschillen sterk tussen personen. Voor sommigen had het een kleine impact, voor anderen had de ervaring ernstige gevolgen.

      Aan de hand van interviews vonden onderzoekers van de UN-MENAMAIS-studie verschillende gevolgen, onder meer

      • Fysiek, zoals bloedingen, en fysieke reacties op interne en externe triggers. De meesten hadden echter geen onmiddellijke fysieke gevolgen, wat het voor hen nog moeilijker maakte om te bewijzen dat ze grensoverschrijdend gedrag meegemaakt hadden.
      • Psychisch, zoals angst, symptomen van post-traumatische stress-stoornis (PTSS), depressieve symptomen en zelfschadend gedrag.
      • Seksueel, reproductief: hyperseksueel gedrag, vaginisme, zwangerschap
      • Sociaal, relationeel: relationele problemen, moeite om anderen (partners, vrienden, verzorgers) te vertrouwen.
      • Financieel: hoge medische kosten (dokter en psycholoog), jobverlies en niet goed kunnen studeren.

      De gevolgen zijn vaak pas jaren na de feiten zichtbaar.

      In de Sexpert-studie (2013) gaf ongeveer de helft van de volwassenen die ooit slachtoffer werden van seksueel grensoverschrijdend gedrag geeft aan dat ze klachten of problemen hebben als gevolg van de ervaring met seksueel geweld.2