Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Washington 2012: Turning the Tide Together

30/07/2012 - 09:03

Vrijdag 27 juli hebben de meer dan twintigduizend deelnemers na een week intense dialoog de tweejaarlijkse Wereldaidsconferentie weer verlaten – een flink deel onder hen waarschijnlijk met gemengde gevoelens.

Hillary Clinton slaagde maandagochtend in haar eentje in een opdracht waarin meer dan tien hooggeplaatste sprekers daags voorheen tijdens de openingsceremonie faalden: ze bracht de overtuiging over dat aids een epidemie is die we wel degelijk een halt kunnen toeroepen. Haar boodschap was duidelijk. We hebben de middelen om te voorkomen dat een hiv-infectie zich ontwikkelt tot aids. Steeds meer strategieën kunnen een bijdrage aan de ‘combinatiepreventie’ leveren, gaande van een beter vrouwencondoom ontwerpen, een vaginale ring ontwikkelen die zowel tegen zwangerschap als hiv beschermt tot mensen met hiv eerder dan nu een behandeling aanbieden (treatment as prevention). Ook het behandelingsprogramma uitbreiden naar mensen die geen hiv hebben maar veel risico lopen (pre exposure profilaxis of PrEP), wordt volop onderzocht op zijn potentie om het tij te helpen keren. 

Oplossing komt dichterbij, maar uitdagingen groeien

Na dertig jaar is er eindelijk het gevoel dat we de strijd tegen aids op termijn kunnen winnen – ‘create an aids free generation within our lifetime’. We vinden steeds meer stukjes van de puzzel die het antwoord op de aidsepidemie vollediger maken. Maar dit gevoel wordt op de voet gevolgd door de frustrerende wetenschap dat de praktijk gehinderd wordt door een gebrek aan investeringen, discriminatie en soms regelrechte onwil. Om ‘getting to zero’, het doel dat UNAIDS zich stelt, te behalen, ligt er nog veel werk voor de boeg: goede praktijken ook op grote schaal implementeren, meer mensen met hiv effectief behandelen, wereldwijd risicogroepen zoals druggebruikers, sekswerkers en mannen die seks hebben met mannen beter bereiken en op lange termijn: een vaccin ontwikkelen….

We vinden dus weliswaar meer puzzelstukjes, maar ook de puzzel wordt groter.

De elementen die een invloed hebben op de keuze voor veilige seks worden bijvoorbeeld steeds duidelijker, waardoor ook de uitdagingen groeien. Zo hebben het gebruik van alcohol en andere drugs voor of tijdens seks een invloed op het condoomgebruik. Ook stress, depressie en zwakke mentale gezondheid, waar onder meer homomannen meer mee worstelen dan de algemene bevolking, staan in de weg van gezond gedrag, net als ervaringen met stigma en discriminatie. Als we er in slagen die aan te pakken, lossen we dus meteen ook heel wat andere problemen op. Alleen, dat zal nog niet voor morgen zijn; want veel van deze problemen hebben diepe wortels. Die spoel je niet zomaar weg met een golf aan inzichten.

Mensenrechten als ultieme voorwaarde

De negentiende Wereldaidsconferentie rond aids is al lang niet meer de selecte verzamelplaats van eminente wetenschappers die onderling cryptische gegevens uitwisselen. Het is een dynamische plek geworden waar ze met zorgverstrekkers, mannen die seks hebben met mannen, mensen met hiv, sekswerkers, moeders uit Centraal Afrika … de bevindingen van hun onderzoek toetsen aan ethische uitgangspunten en praktische bruikbaarheid. Want een nieuwe technologie of aanpak mag nog zo veelbelovend zijn, als de voorwaarden voor een goede implementatie niet vervuld zijn, is ze gedoemd om te mislukken.

En het water staat ondertussen hoog. Veel drempels hebben te maken met mensenrechten. Aids blijft de ultieme lakmoesproef om het beschavingsniveau van een regio te meten. Een land dat er in slaagt om de epidemie het hoofd te bieden, is een land dat groepen aan de rand van de samenleving niet discrimineert, een land waar de gezondheid van zijn burgers een hoge prioriteit krijgt en een land dat weet om te gaan met diversiteit, open staat voor nieuwe ontwikkelingen en ze snel weet om te zetten naar de praktijk. 

Hillary Clinton werd alvast voorafgegaan en gevolgd door een stoet van hooggeplaatste Amerikaanse politici die zich op de borst kwamen kloppen omdat de Verenigde Staten eindelijk mensen met hiv opnieuw toelaten tot het land, recent een nationale hiv-strategie uitwerkten, en meer aandacht besteden aan een goede implementatie van deze plannen. Mensen uit Afrika merkten op dat de Verenigde Staten eindelijk zelf de strategieën zullen toepassen die ze reeds twintig jaar verwachten van elk land in ontwikkeling dat ze steunen bij het opzetten van lokale activiteiten in de strijd tegen aids.

Wachten op een gecoördineerd Belgisch aidsbeleid

Ook minister Onkelinx heeft ondertussen het initiatief genomen om eindelijk werk te maken van een gecoördineerd Belgisch plan voor hiv-preventie en –zorg. Dat heeft ze niet in Washington verteld, het staat zo in de regeringsverklaring. Na dertig jaar epidemie is er nog steeds geen nationaal aidsbeleid, wat in een land met een veelvoud aan regeringen en bevoegdheden geen overbodige luxe is. Bovendien is een aidsbeleid broodnodig, want alle internationale organisaties onderstrepen dat preventie, behandeling en zorg meer dan ooit elkaar dienen te versterken. Het antwoord op de vraag of we samen het tij kunnen keren, zal dus in hoge mate afhangen van een optimale afstemming van alle inspanningen en investeringen.

Na vijfentwintig jaar actief te zijn in de preventie van hiv, was ik tamelijk gefrustreerd uit Brussel vertrokken. Onze eerste persconferentie die opriep tot een gecoördineerd plan, dateert ondertussen van 1990. We zijn een generatie verder en we moeten er nog altijd aan beginnen. Maar de Wereldaidsconferentie leerde me het positief te bekijken. We hebben nu de unieke kans om te leren van dertig jaar wereldwijde ervaring met diverse strategieën bij het opstellen van een omvattend beleidsplan. Op een aantal vlakken zijn we sowieso een voorbeeld voor vele landen. Onze aanpak van preventie naar druggebruikers, homomannen en sekswerkers kan een internationale vergelijking met bewezen ‘best practices’ zeker doorstaan. Maar er is ruimte voor verbetering, zeker wanneer de inspanningen op het vlak van sensibilisering wereldwijd en mogelijk ook in België hun grenzen lijken te bereiken.

Wat de conferentie ons leert

Hier zijn alvast enkele suggesties die we meekregen van de conferentie:

  • Maak elke vorm van criminalisering van mensen met hiv en de overdracht van hiv onmogelijk. Criminalisering beschermt niemand, maar bemoeilijkt alle andere strategieën die aanzetten tot testen, preventie en behandeling.
  • Investeer in de verdere verhoging van de deskundigheid van hulpverleners, zodat ze beter rekening kunnen houden met de leefwereld en de specifieke gezondheidsnoden van de doelgroepen die het hart van de epidemie blijven uitmaken. Maak de drempels voor testen op hiv en andere soa en behandeling voor deze doelgroepen zo laag mogelijk en blijf investeren in de ‘traditionele ‘preventie. Gedragsbehoud vraagt vaak evenveel energie als gedragsverandering.
  • Maak bijkomende middelen vrij om nieuwe preventiestrategieën op hun bruikbaarheid te onderzoeken en indien mogelijk ,te implementeren zoals treatment as prevention of PrEP.

De BREACH-conferentie op 28 en 29 september in Brussel, zal een unieke kans bieden om deze strategieën verder uit te diepen en te vertalen naar de Belgische context, hopelijk in dialoog met sterke vertegenwoordigingen van de doelgroepen die het meeste risico lopen. Want de belangrijkste les van conferenties als deze van Washington is helder: toets elk beleid aan de noden en bekommernissen van de mensen wiens gezondheid het beoogt te verbeteren. Zonder deze toets dreigt het document enkel de oceaan van goede intenties dieper te maken in plaats van het tij te helpen keren. Om daar in te slagen, moeten we het samen doen.

Chris Lambrechts is directeur van Sensoa.